HOME
Badkamer
Balkon
Deuren & ramen
Financiën
Garage & carport
Keuken
Milieu & energie
Openhaard & kachel
Sauna & stoombad
Serre
Slaapkamer
Trap
Tuin
Veilig wonen
Verlichting
Verwarmen & warmwater
Vloeren
Wanden & plafonds
Woninginrichting
Zelf klussen
Zwembad

Adverteren

Australische Bedrijven
Nederlandse Bedrijven
 

WOONNETVerlichtingBediening

Bediening

[Armaturen en lampen] [Bediening]

In een woning zijn normaal diverse aansluitpunten aanwezig voor verlichtingsarmaturen en schakelaars voor de bediening ervan. Daarnaast zijn er een aantal wandcontactdozen, waarop ook armaturen kunnen worden aangesloten.

Het minimum aantal aansluitpunten en wandcontactdozen in woningen is voor de meeste ruimten vastgelegd in een Nederlandse norm en wel NEN 1010. Volgens deze norm moeten, afhankelijk van het type woning, 8 tot 12 aansluitpunten worden aangebracht en 4 tot 10 enkele en dubbele wandcontactdozen. Ook staat hierin globaal de plaats van schakelaars aangegeven die zijn bedoeld voor bediening van de armaturen, die op de aansluitpunten zijn aangesloten. In de praktijk blijkt echter dat in de meeste gevallen het aantal wandcontactdozen veel te weinig is voor aansluiting van zowel de gewenste verlichting, alsook de vele elektrische apparatuur. Zo worden gemiddeld per woning in Nederland alleen al zo'n 30 verlichtingsarmaturen aangesloten. Hierdoor worden in veel gevalle de nodige snoeren langs vloer en wanden gelegd en soms ook nog allerlei geïmproviseerde verbindingen gemaakt. Dit met alle gevolgen van dien voor het aanzien van het interieur en vooral voor de veiligheid, met name voor kleine kinderen en huisdieren.

Comfortinstallaties
Omdat in het algemeen steeds meer verlichting en technische apparatuur wordt toegepast, zou het voor de hand moeten liggen om hiermee bij de bouw al rekening te houden. Dit kan ten dele worden gedaan door het aanbrengen van meer wandcontactdozen en door uitbreiding van het aantal aansluitpunten voor de verlichting, bij voorkeur ook in de wanden. Daarnaast zou standaard een aantal aansluitvoorzieningen voor telefoon-, computer-, audio- en video-apparatuur in de muren moeten zijn aangebracht, al was het maar in de vorm van weggewerkte lege buisleidingen en aansluitdozen.

Om dit bij de aannemers te stimuleren heeft de Uneto, de Nederlandse brancheorganisatie voor installateurs, een comfortklasse-indeling voor woningen voorgesteld. Hierbij is in een woning volgens comfortklasse A het huidige minimumaantal volgens NEN 1010 van toepassing, voor comfortklasse B geldt een uitbreiding van het aantal wandcontactdozen met 50% en volgens comfortklasse C moet bovendien in een ledig buisleidingnet worden voorzien voor onder andere geavanceerde schakel- en regelsystemen, telematica-ontwikkelingen en beveiling. Deze voorzieningen vallen onder de noemer domotica, een algemene term voor toepassing van innovatieve technologieën voor comfortabeler wonen.

Met betrekking tot het gebruik van de verlichting kan voor wat betreft de in- en uitschakelmogelijkheden en eventuele regelmogelijkheden (dimmen) onder andere onderscheid worden gemaakt tussen:
- handmatig schakelen met schakelaars of bedieningspanelen
- handmatig regelen en schakelen met dimmers
- schakelen en regelen met infrarood of radiografische afstandsbediening
- automatisch schakelen met aanwezigheids- /bewegingmelders
- automatisch schakelen of regelen met een lichtsensor
- automatisch schakelen via klok(ken)
- handmatig inschakelen en automatisch uitschakelen met timers
- geprogrammeerd schakelen en regelen via bedieningspaneel voor lichtscènes of geavanceerd programmeerbaar schakelsysteem via het elektriciteitsnet of een stuur- of zogenaamde bus-leiding
- combinaties hiervan

Schakelaars
Schakelaars zijn in principe wel op eenvoudige wijze te vervangen, maar er moet wel rekening worden gehouden met de functie van de schakelaar en de wijze waarop ze aangesloten moeten worden. Dit laatste staat meestal wel op het meegeleverde schakelschema aangegeven.

Dimmers
Het eenvoudigst te dimmen zijn gloeilampen. Meestal kunnen aanwezige enkelpolige schakelaars op eenvoudige wijze worden vervangen door een gloeilampdimmer. Deze kan dan zo mogelijk wat vormgeving betreft worden afgestemd op die van de aanwezige schakelaars, wandcontactdozen, antennewandcontactdoos, enz.

Afstandsbediening
Een van de redenen om afstandsbediening toe te passen is het comfort, zoals dit ook al lang gebruikelijk is voor de bediening van onder andere geluidsapparatuur, televisies en videorecorders. Een andere reden kan zijn het voorkomen van zichtbare leidingen, als bijvoorbeeld in een bestaande wand de naderhand gewenste schakelaars en leidingen niet weggewerkt kunnen worden. Vrij algemeen gangbare systemen werken met infraroodzenders en -ontvangers. De ontvangers kunnen gemakkelijk aan de muur of het plafond kunnen worden bevestigd. Ook kan gebruik worden gemaakt van units met ontvanger die in een wandcontactdoos kunnen worden gestoken of verlichtingsarmaturen waarin een ontvanger is opgenomen. Afhankelijk van fabrikaat en uitvoering kunnen met een afstandsbediening (zender) meestal een tot acht verschillende groepen armaturen worden geschakeld of gedimd. Bij infrarood-bediening kan in principe alleen de verlichting worden geschakeld of gedimd in de ruimte waarin de betreffende ontvangers zijn geplaatst. Hierbij kan het boven-dien voorkomen dat grote kasten of ander meubilair de bediening op bepaalde plaatsen in een ruimte verhinderen. In het geval dit bezwaarlijk is kunnen ook afstandsbedieningssystemen op basis van radiogolf-signalen worden toegepast. Deze dringen in tegenstelling tot infrarood-signalen wel door allerlei bouwkundige elementen, wanden, kasten, enz. heen. Ze zijn voor toepassing in woningen echter nog maar zeer beperkt leverbaar. Bij zeer geavanceerde schakelsystemen is het ook mogelijk om verlichting en eventueel ook andere apparatuur via de telefoon of zelfs door middel van gesproken opdrachten te bedienen.

Bewegingsmelders
Door de verlichting in een ruimte of op een bepaalde plaats automatisch in te schakelen en/of te regelen als iemand aanwezig is, wordt voorkomen dat de verlichting ook brandt als er niemand meer is. Dit is te realiseren met behulp van bewegingsmelders of - sensors, ook wel aangeduid als aanwezigheidsmelders of -sensors en is vooral zinvol en gemakkelijk voor ruimten waarin regelmatig iemand voor niet al te lange tijd aanwezig is, zoals in hal, gang, schuur, enz. Bewegingsmelders zijn beschikbaar voor bevestiging aan de muur of tegen het plafond en voor inbouw in de muur of plafond. Ze kunnen ook zijn ingebouwd in een verlichtingsarmatuur, zoals steeds meer voorkomt bij gevelarmaturen buiten. Hierdoor brandt de verlichting alleen als iemand aan de deur is of in de tuin is en staat ongewild bezoek onverwachts in het zonnetje.

Domotica
Een nieuwe ontwikkeling is die van de domotica, de intelligente beheer- en schakeltechniek voor woningen. Domotica is afgeleid van het Franse woord domotique en is van toepassing op de woning (domus) en intelligente techniek. De genoemde programmeerbare schakelsystemen zijn hiervan al in zekere mate een voorbeeld. Bij nog verder ontwikkelde systemen, ook wel aangeduid als home systems, wordt alle apparatuur in huis, dus ook de verlichting, via een universeel netwerk (ook wel aangeduid als bus- of homebus- systeem) onderling gekoppeld. Hierbij is het mogelijk de betreffende apparatuur centraal te programmeren, te beheren en te controleren. Het blijft altijd mogelijk om ook plaatselijk met een schakelaar of een universele afstandsbediening allerlei apparatuur in bedrijf worden gesteld of worden uitgeschakeld. Eventueel is ook nog bediening mogelijk via de telefoon. Recent is een systeem geïntroduceerd waarbij gesproken commando's feilloos via het bussysteem worden uitgevoerd. Bij uitgesproken opdrachten als "licht aan", "dim", "rolluiken omlaag", "televisie aan", enz. gebeurt dit dan automatisch. Gemak dient de mens, maar let wel op je woorden! Dergelijke systemen zijn niet alleen comfortabel voor gebruikers in het algemeen, maar bieden ook de mogelijkheid aan ouderen en gehandicapten om langer zelfstandig te blijven wonen dan tot nu toe mogelijk was. Met betrekking tot gehandicapten geldt dit niet alleen voor de lange duur, maar ook voor mensen met tijdelijke functiebeperkingen. Om toepassing van domotica voor deze doelen zo gemakkelijk mogelijk te maken kan worden gesteld, dat bijvoorbeeld seniorwoningen standaard moeten zijn voorzien van een elektrotechnische installatie conform comfortklasse C, zoals deze aan het begin van dit hoofdstuk is beschreven.